‘Jonge journalisten moeten met drive en goesting komen werken. Dat ze fouten maken als ze jong zijn vind ik niet erg.’


HIJ IS DE MEEST INVLOEDRIJKE MEDIAMAN, VOLGENS EEN RONDVRAAG VAN DE MORGEN. RUIM TWEE JAAR GELEDEN MAAKTE KRIS HOFLACK DE OVERSTAP VAN VRT, ALS HOOFDREDACTEUR VAN DE DUIDINGSPROGRAMMA’S (TERZAKE, PHARA, VOLT, …), NAAR VTM. DAAR IS HIJ ALGEMEEN HOOFDREDACTEUR.

‘JE MOET DE KIJKER BIJ DE HAND NEMEN  ZONDER TE VERKLEUTEREN. WE HEBBEN HIER BIJ VTM WEL EEN TIJD DIE NEIGING GEHAD.’

Wat is een goed verhaal?

Iedereen wil dingen zien die hij nog niet ergens anders heeft gezien, dat is volgens mij wat een goed verhaal moet zijn. Maar het moet ook authentiek zijn en zowel in nieuwsverhalen als langere nieuwsreportages, duidelijk en helder. Die essentiële stap vergeten we vaak. We beginnen een verhaal te vertellen zonder ons af te vragen wat mensen ervan weten, hoe we de kijker bij hand de hand moeten nemen zodat die snapt waar het over gaat, zonder te verkleuteren, want we hebben hier bij vtm een tijd de neiging gehad om dat te doen. Maar mensen moeten het wel begrijpen. Ik kom, wat dat betreft, uit de school van Guy Mortier (ex-hoofdredacteur Humo, af). Guy zei altijd dat het een verhaal moest zijn dat je moeder, beenhouder of melkboer moet begrijpen, maar de intellectueel, of de persoon die meer wil, moet er ook iets aan hebben. Het leesbaar en begrijpelijk van een verhaal vertellen was voor Guy ontzettend belangrijk. Als je dat niet kon, moest je niet eens beginnen bij hem. Ik denk dat het nog altijd geldt. Het moet begrijpelijk zijn en een antwoord geven op de vragen die de mensen zich stellen, dat vind ik bij nieuws superbelangrijk. We gaan heel gemakkelijk mee in de politique politicienne (politiek die zich meer op machtsspelletjes dan op inhoud concentreert, af), in het verleden heb ik daar ook veel mee te maken gehad, terwijl mensen met totaal andere vragen zitten. Heel vaak vergeten we de heel simpele wie-, wat-, hoe-, waarom-vragen, terwijl dat de essentie is van alles. Dat moet het zijn. Wat tegenwoordig heel erg in is, en dat zie je ook aan Jambers, is een blik achter de schermen krijgen, of tenminste het gevoel van de blik achter de schermen, want dat is ook allemaal heel relatief.  Dat vindt de kijker fantastisch. Het moet natuurlijk spannend en goed verteld zijn.

HOFLACK

Hoe doe je dat? 

Ik zag een tijd geleden een stuk over Bart De Wever die Di Rupo en Magnette ontving. Het eindigde met De Wever die de ruimte binnenkwam. Het moet natuurlijk beginnen met Bart De Wever die binnenkomt. Het klinkt misschien simplistisch maar een goed verhaal moet een inleiding, midden en slot hebben. Dat zei Aristoteles trouwens. Binnen inleiding, midden en slot moet er een spanningsboog zijn, anders krijgt je ook maar gekapt stro van quotes en beeldjes achter elkaar. Je moet je echt afvragen wat je in je inleiding wil vertellen, wat het midden moet bevatten en hoe je het neerlegt. In opleidingen wordt er te weinig aandacht aan besteed, niet alleen in de opleidingen journalistiek maar ook de vooropleiding. Ik ben niet het type dat denkt dat vroeger alles beter was, maar dat werd er ingepompt bij alle vakken: Nederlands, Latijn, enzovoort, hoe je een verhaal moet brengen. Dat is waarschijnlijk zo omdat we een maatschappij zijn geworden waarin vooral heel veel prikkels komen van alle kanten.

Waar niet noodzakelijk een verhaal in zit.

Nee, en daarom hebben ze het moeilijker.

En de voorbereiding, is die belangrijk?

Zeer belangrijk, ik kan dat niet genoeg benadrukken. Ik weet ook wel dat het voor tv, een zeker het Nieuws van één uur geweldig snel moet gaan. Maar een goede voorbereiding is ontzettend belangrijk. Nogmaals, niet dat het vroeger beter was, maar ik ben al een paar keer zwaar van leer getrokken tegen opleidingen journalistiek omdat ik vind dat er te weinig aandacht gegeven wordt aan een algemene vorming waarin ze een kader en context krijgen. Ik snap dat het niet van deze tijd is om alles van buiten kennen zoals in mijn tijd, maar je moet toch min of meer een context hebben en die haal je niet als je nieuws moet maken, je vindt dat niet zomaar op internet. Wel als je drie dagen tijd hebt om je daarin te verdiepen, maar als de koning sterft heb je geen drie dagen om vanalles op te zoeken, dan moet je de context toch kennen. Ook als het over Europa gaat, natuurlijk moet je niet alle verdragen van buiten kennen, van Maastricht over Lissabon tot het Verdrag van Rome, maar je moet toch weten waar het over gat, dat je weet waarin je terecht komt en je vragen kan stellen. Dus ja, voorbereiding is zeer belangrijk.

livestream2013_groep

Vtm-nieuwslezers (vlnr) Elke Pattyn, Birgit Van Mol, Dany Verstraeten en Stef Wauters

Wordt er bij opleidingen te veel gelet op vorm en niet genoeg op inhoud?

Ja, ik vind dat. Het is geweldig dat er hier binnenkomen, net van de schoolbanken, en met Avid of Final Cut Pro kunnen monteren. Maar dat leer je wel. Geef mij 2 maanden een computer en ik kan het ook. Maar de context, die heb je niet op twee maanden.

Zorg je voor opleidingen voor de nieuwkomers op vtm?

Via de academie van de Persgroep (mede-eigenaar MEDIALAAN, af) kunnen journalisten een cursus interviewtechnieken kunnen volgen. Maar het is te weinig, ik moet dat eerlijk zeggen, ik heb daar te weinig tijd voor. Journalisten worden hier helaas in het begin aan hun lot overgelaten. Maar er zijn nu wel twee coaches, zij begeleiden de stukken met de journalisten. Wat begeleiding betreft zitten we hier dicht op de mensen, op korte tijd leren ze heel veel, maar als je me vraagt of dat genoeg is? Neen, eigenlijk niet. Het zou veel beter zijn moesten ze eerst zes maanden kunnen meelopen. Daarom ben ik grote voorstander van langere stages. Ik vind het top als ze hier komen, en de meeste journalisten die hier doorgroeien komen ook uit stage. Als je hen nu in plaats van 2 of 3 maanden 6 maanden laat komen, of een seizoen, van september tot mei, dan geef je hen de tijd om te leren voor ze op antenne moeten. Hier moeten ze nog te veel op antenne leren, met alle gevolgen van dien. Dat is niet goed voor het Nieuws, ook niet goed voor hen, omdat ze dan een paar keer op antenne geen al te beste beurt maken.

Verschillen de formats sterk in aanpak?

Een nieuwsstuk is relatief gemakkelijk te maken als je een beetje gezond verstand hebt en journalistiek van aanpakken weet. Telefacts, waar de langere stukken 20 minuten zijn, is niet gemakkelijk om te maken. Dat leer je niet uit de losse pols. Je moet dan echt wel iets kennen van storytelling, je hebt er al veel metier voor nodig. Aan sommige stukken van Telefacts zie je dat die niet goed zijn opgebouwd. Dat heeft te maken met een gebrek aan kennis. Een goede inleiding, een goed midden en goed slot met spanningsbogen, dat is zo belangrijk. De verhaalopbouw waarbij je een duidelijk hoofdverhaal en zijverhaal vertelt zonder dat je een zijweg inslaat en steeds verder afdwaalt, in plaats van terug te keren naar je hoofdweg. Dat is moeilijk, en heel anders dan een nieuwsstuk. In Vlaanderen zijn er zeer weinig journalisten die een stuk van 20, laat staan van 30 of 40 minuten echt goed kunnen maken. Ik kan ze op één hand tellen. Er zijn bij ons ook geen grote documentairemakers meer.

Hoe komt dat? 

Dat zal waarschijnlijk te maken hebben gehad met de evolutie dat alles sneller en sneller moest gaan, vroeger werd er meer in geïnvesteerd. Je zag ook dat langere verhalen meer in de sfeer van zware onderzoeksjournalistiek kwamen, wat ik soms ook overdreven vind. Er is geen tijd meer voor, geen geld meer voor, de mensen die er dan wel geld in zouden kunnen investeren, zoals bij Fonds Pascal Decroos, zijn heel erg op geschreven journalistiek gericht, en eigenlijk zijn ze niet zo bekend met televisie. Hun jury bestaat vooral uit oerdegelijke journalisten, er is nooit gezocht naar een mix tussen goede verhalenvertellers en journalisten, terwijl dat ontzettend belangrijk is. Ik ken genoeg verhalenvertellers die mooie verhaaltjes vertellen, maar dan zit je bijna in fictie. Er zijn ook genoeg goede journalisten die denken dat ze langere reportages kunnen maken, maar eigenlijk gewoon maar een geschreven verhaal op beeld brengen, ze zijn veel meer journalist dan verhalenverteller. Daar is een immens verschil tussen. Op dat vlak zijn we op kwaliteit aan het inboeten.

Ja?

Ik denk dat wel. Ik zie zeer weinig lange reportages die ik echt goed vind. Dat is eigenlijk wel jammer. Ik heb ook niet het gevoel dat het ergens nog in opleidingen voorzien is, maar dat is zeer moeilijk want je leert veel al doende. Eerst maak je een verhaal van twee minuten, je gaat naar een persconferentie, dan ga je naar een van 10 minuten, en zo bouw je dat op. Maar er zijn ook niet zoveel formats meer op tv waar dat nog kan, omdat het ontzettend dure televisie is. Eigenlijk heb je alleen nog maar Panorama op VRT en dat ademt dan ook zo’n oubolligheid uit. Kijk naar wat er op sommige buitenlandse zenders gebeurt, dat is helemaal anders. Ik zou het ook wel graag proberen maar ik heb er dit moment niet de mensen of middelen voor.

En middelen, dat is wellicht het belangrijkste.

Ja. Ik wil ook niet klagen, en zeggen: “het is toch wel erg geworden met de journalistiek, er zijn geen middelen meer.” Helaas is het voor een stuk waar. Ik deel de mening van de mensen die dat zeggen maar ik wil alleen niet in dat kamp terechtkomen van de mensen die het zeggen, het is een heel zuur kamp, dat het heel erg over onderzoeksjournalistiek heeft die volgens mij zeer belangrijk is maar, zoals wij die hier in Vlaanderen bedrijven, niet de

hoflack house of cards

©Karel Duerinckx

 

onderzoeksjournalistiek is van deze tijd. Het is meer onthullingsjournalistiek. En zelfs dat is misschien een beetje sterk, iets tussen uitleg- en onthullingsjournalistiek, dat moeten we meer brengen. Maar onderzoeksjournalistiek, ja, Douglas De Coninck (journalist bij De Morgen, AF) hangt daar rond, en Danny Ilegems (huidig hoofdredacteur bij Humo, AF). De grote complotten ontrafelen moet het volgens mij ook niet zijn want die bestaan niet. Maar wel goede verhalen kunnen vertellen over dingen waar het fout loopt, op een spannende manier kunnen vertellen zonder daarbij te denken dat je het geweldige complot van de Belgische staat ontrafelt.

Kan je dat leren, verhalen vertellen?

Ja, je kan dat leren. Maar je kan veel leren, als je veel oefent kan je veel leren. Alleen is de vraag, waar is de tijd? Waar oefen je dat? Hier oefen je dat. Met Telefacts heb ik één keer per week een programma met reportages van twee keer ongeveer 20 minuten. Ik weet niet of dat ergens gedaan wordt, maar het zou goed zijn dat goede interviewers jonge mensen leren interviewen. Basically draait het om hoe, wat, wie, waarom. Dat is de essentie.

Het klinkt allemaal simpel. 

Ja, natuurlijk, maar het is ook simpel. Al die dingen zijn simpel, en natuurlijk, hoe meer je ze wil beheersen, hoe moeilijker ze weer worden, maar het uitgangspunt is altijd wel simpel.

Uw collega-hoofdredacteur Björn Soenens van het VRT-journaal zegt dat ook.

Op dat punt zitten we zeker op dezelfde golflengte. Maar je moet het ook durven doen, je voelt ook dat de druk bij collega-journalisten om het niet te doen heel groot is. Als je tegen mensen zegt, “Journalistiek draait eigenlijk rond wie, wat, hoe, waarom”, dan zeggen ze, “Wat zegt die nu, het moet toch dieper gaan?” Het is allemaal waar, maar daar begint het wel, dat zijn de eerste vragen die je moet stellen. Interviewtechnieken, absoluut belangrijk.

Wat maakt van een journalist een goede journalist?

Ik vind drive ontzettend belangrijk, journalistiek doe je niet van 9 tot 5, je moet daar veel mee bezig zijn. Als ik geen tijd heb om kader en context te scheppen, lees dan zelf een boek! Dat is ook leuk, niet dat je de Larousse Médicale van A tot Z van buiten moet blokken als je medisch journalist bent, maar toch, lees daarover, wees ermee bezig. Maar ook, ga op café, dat zal Soenens ook wel gezegd hebben. Dat is voor een stuk waar, ga naar buiten.

Kom uit uw kot.

Ja, kom uit uw kot. Vooral ook: wees nieuwsgierig, kijk met verwondering naar wat er gebeurt in de wereld en in het leven, dat maakt je al voor de helft een goede journalist. Als je nieuwsgierig bent en je hebt drive, en je wil hard werken en je wil veel leren in je vak, en het boeit je, dan is het niet zo moeilijk om een goede journalist te zijn. Maar niet denken dat je journalist wil worden omdat je met je gezicht op tv wil komen. Dat zijn meestal niet de goede journalisten. Ik weet dat ik heel veel van mijn mensen vraag hier, maar je ziet ze ook beter worden. Als je kijkt wat het nieuws op vtm twee jaar geleden was tot wat het nu is, dat is een nieuws dat er weer mag staan, dat zonder moeite of schaamte de vergelijking kan doorstaan met de VRT, maar ook met vele andere Europese zenders. En dat hebben mijn collega’s ook gedaan, door geweldig zwaar op de journalisten te wegen en door geweldig veel met hen bezig te zijn. Nicholas (Lataire, AF), mijn operationeel hoofdredacteur, heeft dat nog veel meer dan ik gedaan. Door te evalueren hebben we onze mensen beter gemaakt. Dat het nieuws er staat is ook hun verdienste. Zij hebben dat gemaakt, ik niet, ik heb de grote lijnen uitgezet. Het is een heel jonge ploeg, ze zijn veel jonger dan ik, zij voelen veel meer wat er in de maatschappij leeft. Dat ze fouten maken als ze jong zijn vind ik helemaal niet erg, het moet ook niet te dramatisch zijn, natuurlijk. Maar als je jong bent, maak je fouten, je kan ook alleen maar leren uit je fouten. Maar je moet hier niet zelfgenoegzaam binnengestapt komen en denken dat je een paar beeldjes achter elkaar gaat monteren, dat vind ik echt niet tof. Ik ben nu al heel lang journalist, hoewel ik de laatste jaren helaas meer manager van journalisten ben, maar het blijft een geweldig schoon beroep, journalistiek, een topberoep.

Be the first to comment on "‘Jonge journalisten moeten met drive en goesting komen werken. Dat ze fouten maken als ze jong zijn vind ik niet erg.’"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Twitter Auto Publish Powered By : XYZScripts.com